Kroniek van de Nederlandse Muziek | Concertzender | Klassiek, Jazz, World en meer
Search for:
spinner

Kroniek van de Nederlandse Muziek

di 18 aug 2026 21:00 uur
Componist: Daniël de Lange

De Nederlandse cellist en componist Daniël de Lange kwam uit een muzikaal nest. Vader Samuel Sr. was een vooraanstaand musicus en als organist verbonden aan de Rotterdamse Laurenskerk. Zoon Daniël leefde van 1841 tot 1918.

Daniël de Lange kreeg natuurlijk de eerste muzieklessen van zijn vader. Maar later ook van Johannes Verhulst en de beroemde Belgische cellist Adrien Servais. Toen hij 16 was toerde hij met zijn broer Samuel Jr. door Polen en Oostenrijk en ze kregen zelfs een aanstelling aan de muziekschool in Lviv. Maar al snel ging het duo terug naar Rotterdam. Toen scheidden hun wegen en Daniël vertrok naar Parijs, waar hij kennis maakte met alle grote Franse componisten van die tijd zoals Berlioz, Bizet, Saint-Saëns, Massenet en Lalo. Hij speelde een belangrijke rol bij de oprichting van muziekscholen in Amsterdam, Zaandam en Toonkunst Leiden. In verband met zijn theosofische belangstelling, en mogelijk ook de oorlogsdreiging verhuisde hij in 1914 naar San Diego (VS) waar hij in 1918 overleed.

1. Symfonie nr. 1 in c, opus 4.
Nederlands Radio Kamerorkest olv Anthony Halstead.

2. Requiem: De delen Requiem, Dies Irae & Agnus Dei.
Nederlands Kamerkoor olv Uwe Gronostay.

3. Was is’t, o Vater (1887). Uit: Thränen.
Tekst: Adelbert von Chamisso.
Sylvia Schlüter, alt. Leo van Doeselaar, piano.

4. Du liebst mich nicht, opus 10.
Tekst: Heinrich Heine, Lyrisches Intermezzo (1823).
Mark Pantus, bas-bariton. Rudolf Jansen, piano.

 

Liedteksten:

Was ist’s, o Vater, was ich verbrach?
Du brichst mir das Herz und fragst nicht darnach.
Ich hab ihm entsagt nach deinem Befehl,
Doch nicht ihn vergessen, ich hab es nicht Hehl.
Noch lebt er in mir, ich selbst bin tot,
Und über mich schaltet dein strenges Gebot.
Wann Herz und Wille gebrochen sind
Bittet um eins noch dein armes Kind.
Wann bald mein müdes Auge sich schließt,
Und Tränen vielleicht das deine vergeißt;
An der Kirchwand dort, beim Hollunderstrauch,
Wo die Mutter liegt, da lege mich auch.

Du liebst mich nicht, du liebst mich nicht,
Das kümmert mich gar wenig;
Schau’ ich dir nur in’s Angesicht,
So bin ich froh wie’n König.
Du hassest, hassest mich sogar,
So spricht dein rothes Mündchen;
Reich’ mir es nur zum Küssen dar,
So tröst’ ich mich, mein Kindchen.

 

Met dank aan:

 

Samenstelling:
close
Om deze functionaliteit te gebruiken moet u zijn. Heeft u nog geen account, registreer dan hier.

Maak een account aan

Wachtwoord vergeten?

Heeft u nog geen account? Registreer dan hier.

Pas het wachtwoord aan