Zwerven door de Renaissance
za 24 okt 2026 11:00 uur
Dit programma is gewijd aan het negende madrigaalboek van Giaches de Wert. Toen Giulio Caccini in 1601 met zijn Nuove Musiche pleitte voor een nauwe verbinding tussen tekst en muziek, verwoordde hij in feite een ideaal dat componisten uit eerdere generaties al met andere middelen hadden nagestreefd. Vooral in de tweede helft van de 16e eeuw probeerden diverse componisten woorden en zinsneden in hun muziek tot uitdrukking te brengen. Het genre van het madrigaal was de ideale vorm om hiermee te experimenteren. Daarom worden de muzikale figuren waarvan ze gebruik maakten, 'madrigalismen' genoemd. Eén van de productiefste componisten van madrigalen was Giaches de Wert. Mogelijk werd hij in Gent geboren, maar over zijn muzikale vorming weten we vrijwel niets. Waarschijnlijk werd hij al op jonge leeftijd naar Italië gebracht. De Wert bracht zijn jeugd vermoedelijk door in Avellino, nabij Napels, aan het hof van Maria di Cardona, de markiezin van Padulla. Vier plaatsen speelden een sleutelrol in zijn loopbaan: Novellara, Milaan, Mantua en Ferrara. Tijdens zijn verblijf in Ferrara leerde hij Cipriano de Rore kennen, destijds de belangrijkste componist van madrigalen. Het graafschap Novellara werd bestuurd door een tak van de familie Gonzaga. Dankzij deze connecties kon hij waarschijnlijk aan de slag als kapelmeester aan het hof van de gouverneur van Milaan. In 1565 werd hij vervolgens kapelmeester aan het hof van Mantua. De Wert schreef een aanzienlijke hoeveelheid sacrale muziek, maar het meeste daarvan is enkel in handschrift bewaard gebleven, waaronder een aantal missen. Tijdens zijn leven werden slechts drie bundels met motetten gedrukt. Zijn bijdragen aan het genre van het madrigaal zijn daarentegen veel bekender, dankzij de vele gedrukte uitgaven: in totaal zestien. Het negende boek verscheen in 1588. Dat was enkele maanden na het overlijden van zijn werkgever, hertog Guglielmo Gonzaga van Mantua. Waarschijnlijk wilde hij met deze madrigalen de gunst verwerven van diens opvolger, Vincenzo. Het eerste madrigaal is gewijd aan diens kroning, een ander madrigaal aan het jachtverblijf van de Gonzaga's aan de rivier Po. Madrigalen waren in de regel vijfstemmig. Opvallend in het negende boek zijn drie madrigalen voor zes stemmen. De teksten zijn van verschillende dichters, zowel uit Werts eigen tijd (Torquato Tasso) als de middeleeuwse Francesco Petrarca. Giaches de Wert (1535-1596) • Nono Libro de Madrigali, 1588: • 1. Or si rallegri il Cielo (I) • 2. L'anima mia ferita (IX) • 3. Vago augelletto che cantando vai (IV) • 4. Valle che de' lamenti miei se' piena (III) • 5. Quel rossignol, che sí soave piagne (XI) • 6. Ecco che un'altra volta, o piagge apriche (II) • 7. Mia benigna fortuna e'l viver lieto (VII) • 8. Sovra un bel cristallino e puro rivo (V) • 9. Un bacio solo à tante pene, hai, cruda? (XII) • 10. Di morte già sentìa il fero ultimo dardo (VIII) • 11. Mesola, il Po da lato, e'l mar a fronte (XIII) • 12. O come vaneggiate, Donna (X) • 13. Ha Ninfe adorne, e belle (XIV) • 14. Padre del ciel, dopo i perduti giorni (VI) • La Compagnia del Madrigale • (cd: "Nono Libro de Madrigali, 1588" – Glossa GCD 922813, 2026) • aanvulling: • Giacomo Gorzanis (ca. 1525-na 1574) • 15. Fantasia quarta • Michele Carreca, luit • (cd: "Solo Lute Music" – deutsche harmonia mundi 88985374332, 2017) • Afbeelding: titelpagina van het negende madrigaalboek van Giaches de Wert (Petrucci Music Library)