Messiaen is gelukkig getrouwd met violiste Claire Delbos. Hij componeert volop, maar de publiciteit blijft wat achterwege. Geen nood, hij is tenslotte nog jong. In 1933 schrijft hij zijn Hymne voor het heilig sacrament en twee jaar later, in 1935, zijn ‘geboorte van de redder’. Deze twee grotere werken brengen alles in een stroomversnelling. Maar ongeluk en verdriet liggen om de hoek in zijn privé-leven. Daarover meer in de volgende aflevering.
• Le Tombeau resplendissant, pour orchestre (1931)
• Hymne (Hymne au Saint Sacrement), pour orchestre (1932)
• Fantaisie burlesque, pour piano (1932)
• Fantaisie, pour violon et piano (1933)
• La Nativité du Seigneur, pour orgue (1935)