Genre: Kunstlied
Componisten/uitvoerenden: Benjamin Britten | Felix Mendelssohn Bartholdy | Joseph Haydn | Samuel Barber
Opnametechniek: Joost Kist
Componisten op hun nederigst.
Nadat Schubert begin negentiende eeuw liederen begon te schrijven, groeide het lied al gauw uit tot een grote kunstvorm waarin subtiliteit tot kunst werd verheven en literair gevoel tot in het kleinste detail geregeld werd.
Zo is het niet altijd geweest. In de tijd van Mozart en Haydn was het lied een zeer nederig genre. Liederen werden op het land, op straat en in de kroeg gezongen, door het volk. Als grote componisten een lied schreven, hielden ze het meestal simpel en naïef. Soms werd hen gevraagd om al bestaande liederen van een begeleiding te voorzien. Haydn kreeg die opdracht nadat hij in Londen was geweest: met veel bijval zette hij een aantal Britse volksliederen in de typisch Weense stijl.
Met een tweetal van deze liederen begint dit recital van mezzosopraan Cora Burggraaf en pianist Rudolf Jansen. Ook de rest van hun optreden ademt deze sfeer uit. Anderhalve eeuw na Haydn deed Britten hetzelfde: ook hij zette bestaande Engelse volksliederen naar zijn hand.
Verder vinden we werk van Mendelssohn en Barber. Deze composities zijn wel origineel: het zijn hun eigen zettingen van religieuze teksten. Maar de gelegenheid en aard van het werk maakt dat ook deze liederen de volkse sfeer ademen. Zo schreef Mendelssohn zijn Liederen opus 71 bij de dood van zijn geliefde zus Fanny. Barber wil met zijn Hermit songs de harde eenvoud van het kluizenaarsleven uitbeelden.