spinner

Componist van de maand

do 30 jul 2020 16:00 uur

De nieuwe Componist van de maand is Claude Debussy!

 

Deze maand is ‘Componist van de maand’ gewijd aan Claude Debussy. Hij leefde van 1862 tot 1918 en verbleef het grootste deel van zijn leven in Parijs. Sinds het einde van zijn leven geldt hij als de grootste Franse componist van zijn tijd, maar die status kwam er niet meteen en niet zonder slag of stoot. Zoals elke componist moest hij zijn draai vinden. Daarvoor nam hij de tijd. Bovendien, om te overleven moest hij zich enigszins voegen naar de heersende smaak in zijn jonge jaren. Uit die fase, ongeveer midden jaren tachtig, dateren onder meer vele liederen op teksten van recente Franse dichters die toen heel populair waren.

Debussy vindt zijn eigen stijl in de jaren negentig. Diverse composities zijn daarbij zeer belangrijk. Een van hen is zijn Strijkkwartet. Het heeft de vier delen van een klassiek kwartet, maar daarmee houden de overeenkomsten met de klassieke meesters vrijwel  op. Debussy laat zich hier inspireren door oude compositietechnieken, de vormen zijn uitermate grillig, de melodieën zijn zelden vocaal gedacht en het samenspel tussen de instrumenten is soms uiterst complex.

In dezelfde jaren als zijn kwartet schreef hij ook vele liederen. Voor de vorming van zijn eigen taal zijn deze liederen op Franse teksten van het grootste belang. Het Frans heeft wel een cadans en accenten maar is veel minder regelmatig in de omgang met ritme. Die combinatie van vrijheid en cadans intrigeerde hem. Veel oudere Franse liedcomponisten behandelden de tekst alsof het een Duitse tekst was, dus met veel meer regelmaat in de details. Debussy en anderen daarentegen wilden de vrijheid van de Franse taal overbrengen in muziek. Dat leidde tot een geheel andere opbouw. Bovendien hield Debussy van sprekend zingen, alsof men meer reciteert dan zingt. Zijn liederen leerden hem hoe hij met vrijheid in vorm moest omgaan. Die vrijheid zou hij later ook hanteren in zijn instrumentale muziek.

 

  1. Sept poèmes de Banville, Claude Debussy.
    Anne Marie Rodde, sopraan en Noël Lee, piano.
  2. Deux arabesques, Claude Debussy.
    Rudolf Firkusny, piano.
  3. Strijkkwartet, Claude Debussy.
    Orpheus String Quartet.
  4. Trois chansons de Bilitis, Claude Debussy.
    Cathy Berberian, sopraan en Bruno Canino, piano. 

 

Samenstelling: