spinner

Thema

za 25 apr 2009 16:00 uur

Oorgetuige #4: Bloedige Zondag 1905. ‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’, onze serie over Russische muziek van de twintigste eeuw. Op zondag 9 januari 1905 trok een vreedzame menigte naar het Winterpaleis om een Nederig en Loyaal Smeekschrift om sociale hervormingen aan tsaar Nikolaas II te overhandigen. De optocht had meer weg van een religieuze processie maar de cavalerie voerde charges uit en de infanterie opende het vuur. Er vielen 200 doden en 800 gewonden. Diep onder de indruk van de gebeurtenissen schreef Nikolaj Tsjerepnín zijn pianoconcert. Een halve eeuw later wijdde Dmitri Sjostakovitsj, die het jaar daarop werd geboren, zijn Elfde Symfonie aan Het Jaar 1905. En aan andere gebeurtenissen.

‘Alles ter nagedachtenis aan jou’. Deze dichtregel van Aleksandr Poesjkin uit 1825 gaf dichteres Anna Achmátova als motto mee aan haar Noordelijke Elegieën, een gedichtencyclus die ze schreef in een van de zwartste perioden van haar land en haar leven, tussen 1940 en 1955. We zitten daarmee ineens in het hart van Rusland in de twintigste eeuw, in de Sovjet-Unie tijdens de Grote Vaderlandse Oorlog; en met deze twee grote Russische dichters proberen we ook de ziel van Rusland te naderen.
 
Russische muziek van de twintigste eeuw, deel 4: Bloedige Zondag 1905. Op zondag 9 januari 1905 trok een vreedzame menigte naar het Winterpaleis om een Nederig en Loyaal Smeekschrift om sociale hervormingen aan tsaar Nikolaas II te overhandigen. De optocht had meer weg van een religieuze processie maar de cavalerie voerde charges uit en de infanterie opende het vuur. Er vielen 200 doden en 800 gewonden. De schrijver Maksim Gorki schreef: “En zo, mijn vriend, is de Russische Revolutie begonnen. Alleen bloed kan de kleur van de geschiedenis veranderen.” In het hele land braken stakingen en opstanden uit, het leger kwam 2700 keer in actie. Lenin in ballingschap keek toe bij de generale repetitie van ‘zijn’ revolutie. Kunstenaars en intelligentsia kozen voor bevlogen engagement of juist voor het metafysisch luchtruim. De tsaar kwam met hervormingen, die hij weer introk. Het was te weinig en te laat. Sergej Djágilev presenteerde in het Taurisch paleis een expositie van achttiende-eeuwse portretten, toen de kunsten nog aansluiting hadden bij Europa, als “een grandioze selectie uit een briljante periode van onze geschiedenis, die helaas ten einde loopt […] in de naam van een nieuwe, onaangetaste cultuur, die door ons wordt gecreëerd, maar die ons ook zal wegvagen”.
 
Nikolaj Nikolájevitsj Tsjerepnín (1873-1945).
1. Pianoconcert nr. 1 in cis, opus 30 (1907).
‘Maly’ Symfonisch Orkest Moskou o.l.v. Vladimir Ponkin met Aleksej Golovin, piano.
Saison russe Chant Du Monde LDC 288010
Dmitri Dmitrijevitsj Sjostakovitsj (1906-1975).
2. Symfonie nr. 11 in g, het jaar 1905, opus 103 (1957).
Moskous Filharmonisch Orkest onder leiding van Kirill Kondrasjin.

Melodiya 74321198432
Sergej Sergejevitsj Prokofjev (1890-1953).
 
3. Pianosonate nr. 1 in f, opus 1 (1907)
Yefim Bronfman, piano.
Sony Classics 52 484

Samenstelling: