spinner

Thema

Oorgetuige #23: Les Ballets Russes (2)
In de 23ste aflevering van Oorgetuige: ‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’, onze serie over de Russische muziek van de twintigste eeuw, staan de Ballets Russes weer centraal. Maar eerst Irving Berlin…

De kinderrijke familie BĂ©jlin uit MogiljĂłv, Wit-Rusland, was al in 1891 naar New York gevlucht. Het driejarige zoontje Israel kon zich later van zijn Russische jaren alleen herinneren dat hij tijdens een pogrom in een deken gewikkeld op straat lag en het ouderlijk huis tot op de grond zag afbranden. In 1911 veroverde Irving Berlin, zoals hij inmiddels heette, de hele wereld met zijn eerste megahit, ‘Alexander’s Ragtime Band’. Dit nummer ontketende over de hele wereld, tot in de duisterste stukjes Rusland, een dansrage.
Michajl Larionov, De Danser (1915), gouache op papier.
Op tournee door de Verenigde Staten nam dirigent Ernest Ansermet voor zijn vriend Igor Stravinski de bladmuziek mee van zulke ragtimes en andere nieuwe jazz. Dit werkte door in de muziek en bezetting van ‘L’Histoire d’un Soldat’ uit 1918. Deze geschiedenis is gebaseerd op twee sprookjes die Afanasjev optekende uit de verhalen van rekruten tijdens de Russisch-Turkse oorlogen in de 19de eeuw. De bezetting is van een rondtrekkend ensemble, niet in de laatste plaats vanwege de penibele omstandigheden rond het einde van de Eerste Wereldoorlog. Ook de tekst van Charles Ferdinand Ramuz was mobiel gedacht: in het Frans loopt de soldaat van Denges naar Denezy, in de vertaling van Martinus Nijhoff is hij van Sas naar Sluis op weg naar huis. Uit de muziek distilleerde Stravinski een Piano-Rag Time voor Arthur Rubinstein en een Ragtime voor elf instrumenten, die hij voltooide op de dag van de Vrede van Versailles. Deze twee ‘rags’ gaan vooraf aan de ware Histoire.
Stravinski_PicassoPablo Picasso, Portret van Igor Stravinski (1920), grafiet en houtskool, Musée Picasso, Parijs.
Voor zijn Ballets Russes en de herovering van Parijs zat Sergej DjĂĄgilev veel meer te wachten op werk dat Stravinski in zijn oorlogsisolement terzijde had gelegd, zoals SvadĂ©bka, Les Noces. Maar eerst was er het idee dat hij tijdens zijn noodgedwongen verblijf in ItaliĂ« had opgedaan: een ballet van zijn nieuwe maĂźtre Leonid MjĂĄsin (Massine) rond de Napolitaanse ‘commedia dell’arte’-figuur Pulcinella met muziek van Pergolesi. Voor de bewerking van deze muziek had hij niet allereerst aan Stravinski gedacht, maar het was wel een mooie manier om hem zijn stal weer binnen te halen. Zeker ook omdat Picasso de aankleding zou verzorgen, stemde Stravinski in en begon daarmee zijn neo-classicistische periode. Stravinski zelf beschouwde het ballet volgens Sjeng Schreijen als een sleutelwerk in zijn oeuvre: “Pulcinella betekende mijn ontdekking van de geschiedenis, het was de wonderbaarlijke ontdekking die al mijn latere werk mogelijk maakte. Het was een terugblik natuurlijk – de eerste van vele liefdesaffaires in die richting – maar het was evengoed een blik in de spiegel.”
Sergej Prokofjev had in 1915 bakzeil gehaald bij Djagilev met zijn ‘Skythisch-barbaarse’ Alla i Lolli. Tijdens de oorlog hadden zij elkaar met Stravinski en de Italiaanse futuristen getroffen in Milaan. In de herkansing had Djagilev hem een ander sprookje van Afanasjev toegestuurd, Sjoet, De Nar. Dit futuristische, neoprimitivistische ballet werd in 1921 een groot succes in Parijs, met name dankzij de muziek van Prokofjev en het toneelbeeld van Michajl Larjónov, dat omschreven werd als “Abramtsevo na een aardbeving”. Over Prokofjev schreef de Franse pers dat “morgen deze bijziende jongeman, met het kaalgeschoren hoofd en aarzelende manieren, even beroemd zal zijn als Stravinski”. Tot besluit spelen Bunny Berigan en zijn orkest A Russian Lullaby van Irving Berlin.
Irving Berlin (Israel Moisejevitsj Bejlin) (1888-1989).
1. Alexander’s Ragtime Band (1911). 
Boswell Sisters with instrumental accompaniment.
Start Entertainments Ltd PC 629
Igor Fjodorovitsj Stravinski (1882-1971).
2. Piano-Rag Time (1919).
Igor Stravinski, piano.
3. Ragtime for 11 Instruments (1918).
Sony Classical Igor Stravinsky edition SM3K46 297
4. L’Histoire d’un Soldat (1918).
Toni Koves, cembalo en het Columbia Chamber Ensemble olv. Igor Stravinski.
Sony Classical Igor Stravinsky edition SM3K46 291
5. Pulcinella, ballet met zang naar Pergolesi (1919-1920). 
Irene Jordan, sopraan. George Shirley, tenor. Donald Gramm, bas en het Columbia Symphony Orchestra olv. de componist. 
Sony Classical Igor Stravinsky edition SM3K46 292
Sergej Sergejevitsj Prokofjev (1891-1953). 
6. Suite uit balletmuziek ‘De Nar’, opus 21a.
Groot RTV Symfonieorkest olv. Gennadi Rozjdestvenski.
Revelation RV 10046
Irving Berlin (Israel Bejlin) (1888-1989).
7. Russian Lullaby (1927). 
Bunny Berigan and his Orchestra.
Start Entertainments Ltd PC 629
 
Met dank aan Valentin Zhuk, Rudolf en Rob Oosterdijk en erfgenamen.

Samenstelling: