spinner

Thema

ma 12 dec 2011 19:00 uur

Oorgetuige #40: Stilzwijgen (Moltsjanije).
‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’, onze serie over Russische muziek van de 20ste eeuw, is vandaag gewijd aan Stilzwijgen, het geluid van de stilte.

Simon and Garfunkel openen met The Sound of Silence. Zoals u in Jan Brokkens ‘Baltische Zielen’ kunt lezen, hebben ook deze joodse popsterren hun ‘roots’ in Oost-Europa, net zoals Bob Dylan.
Silence: “Sommige immateriële dingen hebben een dubbelleven, een dubbele identiteit die ontspringt aan materie en licht. Zo is er ook een tweezijdige stilte, van lichaam en geest. De een verkeert in eenzaamheid en is onvervaard, haar naam is ‘Nooit meer’. Dit is de materiële stilte die niet hoeft te worden gevreesd; zij draagt geen kwaad in zich. Maar brengt het noodlot u onverhoopt voor haar schaduw, die rondwaart in duistere regionen waar geen mens is geweest, beveel uw ziel dan aan god!” Dit is een parafrase van het gedicht ‘Silence’ van Edgar Allen Poe uit 1840, dat Nikolaj Mjaskovski (foto) in 1910 inspireerde tot zijn symfonisch gedicht Moltsjánije, Stilzwijgen.
Russen kenden en kennen veel oorzaken en redenen tot stilzwijgen. Eind jaren twintig, begin jaren dertig was er in elk geval toenemende kritiek op het beleid van collectivisering. Deze geforceerde industrialisering en nationalisatie van de landbouw had miljoenen mensen het leven gekost. Ploegen werden tot zwaarden omgesmeed.
Stalins vrouw Nadjezjda pleegde in 1932 zelfmoord, ook voor een man van staal toch een mokerslag. Een factie in de partij wilde Stalin vervangen door de populaire Leningradse partijleider Sergej Kirov, de gedoodverfde kroonprins. En dood ging hij inderdaad, toen NKVD-agent Leonid Nikolajev (met Vasili als vader en niet Vladimir, zoals de pianodocent van Sjostakovitsj) hem op 1 december 1934 in het Smolny-instituut met een nekschot vermoordde. Al dan niet besteld was deze moord voor Stalin en zijn opeenvolgende (en weer wegvallende) beulen Jagoda, Jezjov en Beria en handlangers in elk geval het startschot voor de Grote Terreur, die de Sovjet-Unie tot de Tweede Wereldoorlog in zwarte, bloedige duisternis dompelde.
RoslavetsNikolaj Roslavets keerde in 1934 als ‘vijand van het volk’ terug van zijn publieke boetedoening in de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent. Aan het polytechnisch instituut in Moskou ging hij dirigenten van militaire kapellen opleiden. Ook dat is overleven. Zoals biografe Marina Lobanova schrijft, was hij al in 1926 bezig met een Kamersymfonie, maar zonder haar te voltooien. De Kamersymfonie die u kunt beluisteren voltooide hij in 1934-’35. Dit werk kon in elk geval rekenen op een positieve aanbeveling van Nikolaj Mjaskovski als adviseur van de Componistenbond.
De collectivisering bracht miljoenen Sovjet-burgers een opgelegde hongerdood. Oekraïne, graanschuur van Rusland, ging in 1930 als eerste republiek hermetisch op slot want “de boer moet nu eenmaal wat honger lijden”, aldus Lenin. Tussen vier en tien miljoen mensen kwamen hier om het leven. De populaire Oekraïense zangeres en politica Oksana Bilozir herdacht met het lied Svitsja de stille genocide van de ‘golodomor’ (golod = honger) op muziek van Myroslav Skoryk.
Komitas2De eeuw van de genocide was, zoals we weten, al eerder begonnen, buiten Rusland. De Armeense priester (vardapet) Komitas (foto) had aan het begin van de nieuwe eeuw veel oorspronkelijke Armeense volksmuziek in zijn land verzameld, zoals Goerdzjíjev dat in Centraal-Azië deed en Joeli Engel in de joodse nederzettingen van Oost-Europa. Op 24 april 1915 werd Komitas met 300 andere prominente Armeniërs door de Turken op konvooi gezet. Alleen Isabel Bajrakdarjaninterventie van Westerse diplomanten kon voorkomen dat hij tot de honderdduizenden slachtoffers van de Armeense genocide behoorde. Komitas bracht de rest van zijn leven krankzinnig door in een psychiatrische kliniek bij Parijs. De Armeens-Canadese sopraan Isabel Bajrakdarjan (foto) zingt ‘Ach, lieve Maral’, ‘Lente’, ‘Abrikozenboom’ en ‘Kraanvogel’.
Het aantal arrestaties na de moord op Kirov was zo enorm dat de goelag-archipel werd overspoeld door “de stortvloed van Kirov” (Montefiore). Stalin was ondanks alles van mening dat “het leven vrolijker is geworden, kameraden. Het leven is beter geworden!”
Als aanloop naar de volgende aflevering van Oorgetuige, die inderdaad vol ‘vrolijke kerels’ zit, zingt Pjotr Lesjtsjenko ‘Herfst-illusie’, ‘Bij het bos’ en, tot besluit, ‘Serdtse’ van Isaak Doenajevski.
‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’
Deze dichtregel van Aleksandr Poesjkin uit 1825 gaf dichteres Anna Achmátova als motto mee aan haar Noordelijke Elegieën, een gedichtencyclus die ze schreef in een van de zwartste perioden van haar land en haar leven, tussen 1940 en 1955. We zitten daarmee in het hart van Rusland in de vorige eeuw, in de Sovjet-Unie tijdens de Grote Vaderlandse Oorlog; en met deze twee grote Russische dichters proberen we ook de ziel van Rusland te naderen. Want, zoals Aleksandr Herzen zei na lezing van Gogols Dode Zielen: “De Russische ziel had in potentie veel te bieden.”
1. Paul Simon (Newark, NJ, 13.10.1941).
The Sound of Silence, opname 10.3.1964.
Simon & Garfunkel.
Columbia / Legacy CK 9269.
2. Nikolaj Jakovlevitsj Mjaskovski (1881-1950).
Moltsjanije, Stilzwijgen, opus 9 (1910).
Tsjechoslowaaks Radiosymfonieorkest olv. Robert Stankovski.
Naxos 8.223302.
3. Nikolaj Roslavets (1881-1944).
Kamersymfonie (1934).
BBC Schots Symfonieorkest olv. Ilan Volkov.
Hyperion CDA67484.
4. Myroslav Skoryk (Lviv 12.07.1938).
Svitsja, op tekst van B. Stelmach.
Oksana Bilozir.
Golden Music GM.UA 00807.
Vardapet Komitas – Sogomón Gevórkovitsj Sogomonján (1869-1935).
5. Ach lieve Maral (Akh Maral jan),
6. Lente (Karoon A),
7. Abrikozenboom (Dzirani Dzar),
8. Groong (Kraanvogel).
Isabel Bajrakdarjan, sopraan, Armeens Filharmonisch Kamerorkest olv. Edoeard Toptsjjan.
Nonesuch 7559-79910-5.
Pjotr Lesjtsjenko (1898-1954), bariton.
9. Osennyj mirazj (“Herfst-illusie”; tango; opname 1931-’37)
Oriente Music RIEN CD 54.
10. Vozle lesa (“Bij het bos”; wals; opname 1931).
Oriente Music RIEN CD 12.
11. Serdtse (“Hart”, tango; opname 1935).
Oriente Music RIEN CD 06.
Met dank aan Jan Brokken, Marina Lobanova en Valentin Zhuk.

Samenstelling: