spinner

Thema

Oorgetuige #45: De klas van Stoljarski. In deze aflevering van ‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’, onze serie over Russische muziek van de 20ste eeuw, viert de jonge sovjetkunst triomfen in Brussel.

Pjotr Solomónovitsj Stoljárski werd op 18 november 1871 geboren in Lipovtsy bij Kiev. Hij ontving de eerste vioollessen van zijn vader en studeerde verder in Warschau bij Stanisƚaw Barcewicz en in Odessa bij Emil Mƚynarski. Als lid van het operaorkest van Odessa ontplooide hij ook pedagogische activiteiten met kinderen vanaf vier jaar. In 1912 opende hij zijn eigen muziekschool.
Hij stichtte de vioolschool van Odessa en wordt beschouwd als een van de grondleggers van de sovjetvioolschool. Volgens violist Eduard Grach was het voldoende voor Stoljarski om de handen van een kind te bestuderen. Toen hij dat deed bij het zoontje van een van de zangeressen uit het operakoor zei hij haar dat het mannetje een wereldberoemd violist Ysayekon worden. Mevrouw Isabella Beyle, de moeder van deze kleine David, zou niet veel later trouwen met Isjl Oistrach. Het internationale Wieniawski-concours van 1935 in Warschau, waar David Oistrach de tweede prijs won, was nog maar een voorproefje van het gigantische succes van de school van Stoljarski op het Concours Eugène Ysaÿe in 1937 in Brussel. 
Kogan GilelsJelisaveta Gilels speelt met Lev Epstein de mazurka ‘Oberek’ van de Poolse componiste en violiste Grażýna Bacéwicz. Daarna speelt zij de vioolsonate van César Cui met broer Emil Gilels, met wie zij veel optrad. U hoort later veel meer van hem en van de man met wie Jelizaveta trouwde, violist Leonid Kogan (foto), die ook van zich zal laten horen in Brussel, na de oorlog.
Jelizaveta en haar drie jaar oudere broer waren kinderen van twee muzikale ouders, die ook kinderen meebrachten uit eerdere huwelijken. Jelizaveta werd geboren in Moldavanka, de dankzij schrijver Isaak Babel beroemd-beruchte joodse wijk van Odessa, en volgde haar opleiding bij Pjotr Stoljarski. Zij vervolgde die in Moskou bij Abram Jampolski, de tweede pijler van de sovjetvioolschool. In Brussel, waar Jampolski in de jury zat, won de zeventienjarige Jelizaveta Gilels de derde prijs. 
Bepaald niet minder muzikaal begiftigd was de Moskouse familie Kozolóepov, waar cellist Semjon en pianiste Nadjezjda aan de wieg stonden van een bijzonder getalenteerd vrouwelijk pianotrio, gevormd door pianiste Irina, celliste Galina en violiste Marina. Marina volgde de vioolopleiding bij Konstantin Mostras en Miron Poljakin. Zij won in Brussel op negentienjarige leeftijd de vijfde prijs. Zij speelt met Maria Jóedina Bachs Vioolsonate in E grote terts, BWV 1016, in een opname uit 1950. 
Concours 1937
3de van links Jelizaveta Gilels (3de prijs), dan Michail Fichtenholz (6de), David Oistrach (1ste), Marina Kosoloepova (5de), Boris Goldstein (4de). Helemaal links Ricardo Odnoposoff (2de), Argentijn (van Russische afkomst).
In de eigen geschiedschrijving bericht het Koningin Elisabeth Concours: “De uitkomsten van de rondes maakten diepe indruk: met een zelfverzekerdheid die aan arrogantie grensde, nam de sovjetschool alle prijzen vanaf de eerste mee naar huis. […] Alle anderen moesten zich tevreden stellen met de kruimels; de Belgische vioolschool, nog altijd een bron van trots, ontbrak in de finale omdat ook Arthur Grumiaux en Carlo Van Neste, nog jong en onervaren, de jury niet konden overtuigen.” De Belgische vorstin besloot een extra impuls te geven aan het Belgische muziekonderwijs.
De vierde prijs ging in 1937 naar de vijftienjarige Boris Goldstein uit Odessa, een pupil van Stoljarski. Op 11-jarige leeftijd deed ‘Boesja’ al mee aan het Uniebrede Vioolconcours en ook in Warschau won hij in 1935 de vierde prijs. Jasja Heifetz zag hem als het meest briljante viooltalent van de Sovjet-Unie. Boris Goldstein speelt het Vioolconcert van Joeli Konjoes, een leerling van Anton Arenski.
OistrachGilelsEr was in Brussel geen enkele discussie wie de eerste prijs moest ontvangen, dat was David Oistrach (op de foto met Gilels). Net zoals bij de triomf van Oborin in Warschau was Aram Chatsjatoerjan een van de eerste componisten in een lange rij die werken aan de winnende landgenoot opdroegen. Zijn vioolconcert in d klein uit 1940 kreeg een jaar later de Stalinprijs. U hoort het Philharmonia Orchestra onder leiding van de componist en solist David Oistrach, die zelf de cadens schreef.
De enige ‘sovjet’-winnaar in Brussel die wij nog niet hebben genoemd is Michail Fichtenholz, die als zeventienjarige de zesde prijs in de wacht sleepte. Deze leerling van Stoljarski vervolgde zijn studie ook in Moskou bij Jampolski en Miron Poljakin. Tragisch genoeg kreeg hij niet veel later last van zijn rechterhand, waardoor hij jarenlang niet kon spelen. Een psychoanalist zou hem weer van deze handicap af hebben geholpen. Dochter Natalja bracht veel historische opnamen van haar vader uit op CD. Het Wintersprookje uit Prokofjevs balletmuziek bij Cinderella bewerkte Fichtenholz voor viool en piano. U hoort David Oistrach en Vladimir Jampolski.
Het daaropvolgende jaar 1938 vond in Brussel het internationale concours voor piano plaats. Ook hier was de sovjetdominantie groot. De eerste prijs ging naar Jelizaveta’s broer Emil. Hij speelt van Prokofjev de Toccata opus 11 en de Mars uit de Liefde voor Drie Sinaasappels. Daarna speelt derdeprijswinnaar Jakov Flier van Sergej Rachmaninov de Prelude opus 23 nr. 5 en uit zijn Morceaux de Fantaisie opus 3 nr. 2, de Prelude in cis klein.
Tot besluit hoort u opnieuw het ‘lijdmotief’ bij de jaren dertig van deze serie, Sombre Dimanche. Luistert u naar het zigeunerorkest van Yoska Nemeth.
1. Grażýna Bacéwicz (1909–1969), Mazurka ‘Oberek’.
Jelisaveta Grigorjevna Gilels (30.9.1919–13.3.2008), viool, Lev Epstein, piano.
2. César Antónovitsj Cui (1835-1918). Sonate voor viool en piano in D opus 84 (1870): 1) Allegro, 2) Andante ma non troppo, 3) Allegro.
Jelisaveta Gilels, viool, Emil Grigorjevitsj Gilels (19.10.1916–14.10.1985), piano.
Melodyia MEL CD 10 01116.
3. Johann Sebastian Bach (1685–1750) Sonate voor viool en piano (klavecimbel) in E, BWV 1016 (1717-’21): 1) Adagio, 2) Allegro, 3) Adagio ma non tanto, 4) Allegro.
Marina Semjonovna Kozoloepova (25.4.1918-1979), viool, Maria Venjaminovna Joedina (1899-1970), piano.
Brilliant Classics 8909.
4. Joeli E. Konjoes (1869–1942). Concert voor viool en orkest in e.
Boris ‘Boesja’ Emmanoeilovitsj Goldstein (25.12.1922-8.11.1987), viool, Symfonieorkest Moskous Staatsfilharmonisch Genootschap olv. Gennadi Rozjdestvenski.
Melodyia MEL CD 10 01748.
5. Aram Iljitsj Chatsjatoerjan (1903-1978). Concert voor viool en orkest in d (1940): : 1) Allegro con fermezza, 2) Andante Sostenuto, 3) Allegro Vivace.
David Fjodorovitsj Oistrach (30.9.1908-24.10.1974), viool, Pilharmonia Orchestra olv. Aram Chatsjatoerjan.
EMI Classics 0946 3 61571 2 2.
Sergej Sergejevitsj Prokofjev (1891-1953). 
6. Wintersprookje uit balletmuziek Cinderella in een bewerking van Michail Fichtenholz voor viool en piano.
David Oistrach, viool, Vladimir Jampolski, piano.
Brilliant Classics 9056 / 100 Years Oistrakh.
7. Toccata opus 11.
8. Mars uit de Liefde voor Drie Sinaasappels.
Emil Gilels, piano. 
Sergej Vasiljevitsj Rachmaninov (1873-1943).
9. Prelude opus 23 nr. 5 in g.
10. Uit: Morceaux de Fantaisie opus 3, nr. 2 Prelude in cis.
Jakov Flier, piano.
Brilliant Classics ADD MCPS 9014.
11. Sombre Dimanche.
Yoshka Nemeth en zijn orkest. 
Forlane FOR 19251.
Met dank aan Valentin Zhuk.

Samenstelling: