spinner

Thema

ma 17 jun 2013 20:00 uur

Oorgetuige # 59: de Blokkade (2). ‘Alles ter nagedachtenis aan jou…’, onze serie over Russische muziek van de 20ste eeuw, is vandaag voor de tweede keer in het door de Duitsers omsingelde Leningrad.

Boris Berman, leerling van Lev Oborin, opent met de wals uit de muziek voor de opera ‘Oorlog en vrede’ van Sergej Prokofjev uit 1942. 
Svjatoslav Richter (links) kwam in 1937 als autodidact uit Odessa naar Moskou om leerling te worden van Heinrich Neuhaus. Tijdens de auditie fluisterde de grote pianodocent een leerlinge naast hem toe dat deze 22-jarige jongeman “het genie was waar hij al zijn hele leven op zat te wachten”. RichterNeuhausRichter kwam in zijn klas, waar hij volgens Neuhaus nooit iets van hem leerde. Hij stelde hem wel voor aan Prokofjev; toen Neuhaus aan Richter opperde om samen een recital te geven, bracht Richter op 26 november 1940 Prokofjevs 6de sonate in première. Zowel componist als publiek was laaiend enthousiast.
Richter trok hierna samen op met Prokofjevs ‘oorlogssonates’ en de componist droeg de Negende zelfs aan hem op. Svjatoslav Richter speelt in deze uitzending de Zesde Sonate met de delen Allegro moderato, Allegro, Tempo di valzer Lentissimo en Vivace. De opname is uit 1956.
Wij lieten Orest Jevláchov in Oorgetuige 58 achter in het door de Duitsers omsingelde Leningrad. Hier schreef hij zijn concertsuite opus 8.
Sjos tijdens Blokkade
Het grootste en beroemdste muzikale monument voor de omsingelde stad Leningrad is zonder twijfel de Zevende Symfonie van Dmitri Sjostakovitsj (hierboven op een propagandafoto in 1941 op het dak van het conservatorium). Hij begon aan de compositie toen hij zelf nog in de stad was, maar voltooide haar in Kóejbysjev, waarnaar hij was geëvacueerd. In de zesde stad van Rusland, die nu weer Samara heet, werd het werk op 5 maart 1942 in première gebracht door het Orkest van het Bolsjoj Theater met dirigent Samoeil Samosoed, daarna in Perm met Ári Pazóvski als dirigent. De zevenjarige Valentin Zhuk, zoon van de concertmeester, was getuige hoe de componist nerveus door de partituur bladerde toen het werk voor het eerst werd gespeeld. De eerste uitvoering door het Leningrads Filharmonisch Orkest was in Novosibirsk, waar dit orkest naartoe was geëvacueerd. Die zomer volgde de historische uitvoering in de belegerde stad zelf onder leiding van Karl Eliasberg. U hoort deze aanklacht tegen het fascisme, een term die Sjostakovitsj zeer ruim bedoelde, in een studio-opname van het Leningrads Filharmonisch met dirigent Jevgeni Mravinski uit 1953: het jaar dat Stalin op de elfde verjaardag van de Zevende, 5 maart, overleed.
Geëvacueerd naar de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent voltooide dichteres Anna Achmatova op 18 augustus 1942 haar epische poëem ‘Gedicht zonder held’. Haar Nederlandse vertaalsters Margriet Berg en Marja Wiebes geven ons in een voetnoot de oorspronkelijke slotregels van dit gedicht:
“Achter mij, van geheimen gloeiend,/ Snelt zij, zich de ‘Zevende’ noemend,/ Naar een feest, uniek in zijn soort…/ Zich als notenschrift voordoend gaat ze,/ Deze roemvolle Leningradse/ Naar de ether terug waar zij hoort./ En, zichzelf tegemoet getreden,/ Als vanuit een spiegel in ’t heden,/ Niet verklaard voor het dreigend geweld,/ Als ’n orkaan van de Altaj, de Oeral,/ Is vol jeugdig plichtsbesef, moedig,/ Rusland Moskou te hulp gesneld.”
 
Sergej Sergejevitsj Prokofjev (1891-1953).
1. Uit Drie stukken opus 96, nr. 1, Wals uit ‘Oorlog en Vrede’ (1942).
Boris Berman, piano.
Chandos CHAN 9017.
2. Pianosonate nr. 6 opus 82 (1940): 1) Allegro moderato, 2) Allegro, 3) Tempo di valzer lentissimo, 4) Vivace.
Svjatoslav Richter, piano.
Archipel Records ARPCD 0465.
3. Orest Aleksandrovitsj Jevláchov (1912-1973).
Concertsuite voor symfonieorkest, opus 8 (1941-1942).
Petersburgs Academisch Staatskapelsymfonieorkest olv. Aleksandr Titov.
NF/PMA 9988.
4. Dmitri Dmitrijevitsj Sjostakovitsj (1906-1975).
Zevende Symfonie in C groot, opus 60 (1941): 1) Allegretto, 2) Moderato (poco allegretto), 3) Adagio, 4) Allegro non troppo.
Leningrads Filharmonisch Orkest olv. Jevgeni Mravinski.
Melodiya MEL CD 10 00772.
Met dank aan Valentin Zhuk.

Samenstelling: