spinner

Uitgelicht: Mariama

vr 27 mrt 2020
Thema: Wereld

Elke derde vrijdag van de maand tussen 20 en 21 uur: Afrikaanse muziek, samengesteld door expert Kees Schuil.

Radio Rabat
In mijn jeugd kende ik alleen klassieke muziek: Mozart, Telemann en vooral Bach. De popmuziek van toen vond ik verschrikkelijk, totdat ik de Beatles hoorde. Maar toevallig kon ik op mijn radio ‘s nachts ook radio Rabat opvangen. En de Arabische muziek die ik daar hoorde vond ik fantastisch.

Later leerde ik ook andere muziek kennen, waaronder Afrikaanse muziek. Eind jaren 60 traden er geregeld Afrikaanse dansgroepen op in de theaters. Een feest om te horen en te zien! In dezelfde tijd besloot ik niet in Nederland te gaan werken, maar naar het buitenland te gaan. En vanwege mijn muziek- en dansvoorkeur, koos ik voor Afrika. Het lukte in Ghana als natuurkundeleraar aan de slag te gaan. Mijn LP’s nam ik mee en van tropisch hardhout bouwde ik zelf speakers. Ik kocht meer muziek en langzamerhand werd bekend dat ik een goede muziekinstallatie en muziekcollectie had.

Feestjes
Af en toe organiseerde ik dansfeestjes bij mij thuis, zelf of met het lerarenteam van school. Op een zeker moment vroegen ook andere scholen uit de stad waar ik werkte (Kpando, in Volta) of ik een dansfeest op hun school kon houden. Leerlingen vroegen of ik met Kerst of Pasen in het dorp kon komen spelen. Ja hoor. De enige voorwaarde die ik stelde was dat ik een aantal vrienden meenam en dat er lekkere drank voor ons was (zoals palmwijn) en dat we mochten dansen met de leerlingen. Ik vroeg geen geld. Dat schept verplichtingen en ik zocht liever zelf de muziek uit.

Na 8 jaar in Ghana ging ik lesgeven in Togo. De stad in Togo, Kpalime, was slechts 70 km verwijderd van Kpando, de stad van mijn school in Ghana. Enkele docenten in Togo hadden mij al eens ontmoet op een feest in Ghana (bijv. tgv een sporttoenooi). En diverse leerlingen hadden broers die mijn leerlingen in Ghana waren geweest. Zo duurde het niet lang of ik luisterde de staff parties op met mijn muziek. En ook het spelen in dorpjes in de omgeving begon weer, net als spelen op feestjes bij mensen thuis. Maar het genre muziek dat in Togo populair was, verschilde van de populaire muziek in Ghana. Salsamuziek (daar “Pacheco” genoemd) was in Togo populair en ook natuurlijk Soukous uit diverse Afrikaanse landen. Dit soort muziek kon je kopen in Lome en nog beter in Cotonou, in Bénin. Verder was de muziek van orkesten uit Togo en uit Bénin populair. Trouwens, zowel in Togo als in Ghana, gingen de mensen ook altijd dansen op Surinaamse muziek.

En wat is dat eigenlijk: ‘Afrikaanse muziek’?
Per definitie zou ik zeggen, alles wat uit Afrika (ten zuiden van de Sahara) komt. Daar hoort natuurlijk ook de traditioneel Afrikaanse muziek bij, vaak gespeeld op trommels, bellen en andere traditionele instrumenten, zoals xylofoons (balafon), harpluiten (kora), fluiten. En dan gezongen muziek, a capella, of begeleid door trommels, bellen of handgeklap, of ook door electrische gitaar, drumstel en orgel of synthesizer. Daar hoort dan ook de muziek bij die in de kerk wordt gezongen. Maar de muziek die ik uitkies voor mijn programma Mariama, is de Afrikaanse muziek voor feestjes, vaak gespeeld door dansbands die in de stad kwamen optreden, in een gelegenheid met een soort podium en stoeltjes en tafeltjes. Waar je entrée betaalde, bij een tafeltje ging zitten met je groepje en dan kon gaan dansen.

Francofoon en Anglofoon
Vooral in West-Afrika is er verschil tussen francofone en anglofone landen. In francofone landen is “Pacheco” (= Salsa) muziek populair, in Ghana en Nigeria niet. Ook de Congo-muziek (soukous) is populairder in francofone dan in anglofone landen. Maar dat genre wordt wel weer gewaardeerd en ook geproduceerd in landen als Kenia en Botswana. Een apart verhaal is de muziek uit Zuid-Bénin, Zuid-Togo en het zuiden van Volta Region in Ghana. Door hun speciale ritmes en manier van zingen, is deze muziek vooral populair in het eigen gebied. Ook in Europa werd de muziek van bijvoorbeeld Poly-Rythmo uit Bénin voornamelijk populair door het spelen van Afrofunk. In Nigeria bestaan verschillende stijlen. Bekend is de Afrofunk (of Afrobeat) van Fela Kuti en zijn zoons, nagevolgd door bands in Ghana. Maar er is ook de Jujumuziek (heeft niks te maken met juju = tovenarij, Engels woord voor vodou, of fetish), met als bekendste zanger King Sunny Ade. Dit is typisch muziek van het Yoruba volk. Dan is er de Nigeriaanse Highlife, die sterk lijkt op de Ghanese highlife, maar ook de Igbo Highlife, met als bekendste zanger Prince Nico Mbarga.

Wie zou iedereen moeten kennen?
Prince Nico Mbarga heeft liedjes gemaakt die over de hele wereld populair zijn geworden, zoals “Sweet Mother”. Er zijn zelfs meer LP’s van gemaakt dan ooit van een Beatle-liedje. Dus iedereen zou deze naam moeten kennen. Verder heeft Franco, uit Congo-Kinshasa, meer dan 100 LP’s en vele EP’s geproduceerd, al is er geen nummer dat buitengewoon populair is geworden. Uit Sénégal kent iedereen natuurlijk Youssou N’Dour en uit Mali Salif Keita, Tenslotte uit Zuid-Afrika Miriam Makeba. De laatste is overigens helaas een beetje beïnvloed geworden door Amerikaanse stijlen.

Welke rol speelt muziek in de landen waar je veel muziek vandaan haalt?
In alle Afrikaanse landen die ik ken speelt muziek een zeer grote rol. Zowel traditionele muziek als muziek van “electrische” bands hebben een belangrijke functie bij entertainment. Bij allerlei ceremonies en festivals hoort meest traditionele muziek en dans. Ook bij begrafenissen en trouwerijen. In de kerk is vooral gezongen muziek van groot belang, maar in een bepaald soort kerken wordt ook muziek gespeel om op te dansen.

Luisteren
Mariama, vrijdag 17 april van 20 tot 21 uur.