spinner

Gaudeamus Muziekweek 2018

Gaudeamus houdt huis in TivoliVredenburg || Openingsmanifestatie, woensdag 5 september 2018.

In het nazomerzonnetje opende woensdag 5 september de Gaudeamus Muziekweek 2018 op bijzondere wijze. Een complete avond was uitgetrokken om het publiek in en om het TivoliVredenburg kennis te laten maken met de allernieuwste muziek. Want de Gaudeamus Muziekweek geeft van oudsher de kans aan componisten van rond de dertig of jonger om zich te profileren.

Eens te meer bleek weer hoe het TivoliVredenburg pand een droomlocatie is voor dergelijke muziekmanifestaties. Zalen en ruimtes genoeg, en ditmaal werd zelfs de nieuwe grachtensingel aan de voorzijde van het pand ingezet. De Birmingham Contemporary Music Group had zich voor de gelegenheid opgesplitst en voer rond in drie bootjes. Een prominente plek was ingeruimd voor het slagwerk. Langs de waterkant stonden ook enkele musici opgesteld. Een klankperformance of Singel Serenade in de open lucht waar opvallend veel publiek op af kwam. Fraaiste stuk was van de hand van Yannis Kyriakides die in zijn ‘Music for Barges’ (2017) een solotrombonist (langs de singeloever) liet soleren met diep brommende elektronische klanken, die aangestuurd werden vanaf de drie ronddobberende bootjes. Koorleden van het Nederlandse Kamerkoor Venus zongen de bezoekers toe terwijl ze van de singel naar het concertzalencomplex liepen.

In de klassieke grote zaal van TivoliVredenburg was intussen alles in gereedheid gebracht voor de wereldpremière van Richard Ayres’ ‘The Garden’. In het nuchtere Nederlandse muzieklandschap is de Brit Richard Ayres (1965) een waar buitenbeentje. Muziek vol anekdotische kwinkslagen, spitse fantasieën en ongebreideld, bijna naïef maakplezier. Heel Brits in zijn eigenzinnige, humoristische bokkesprongen, waarbij je moet denken aan recalcitrante makers als het Monty Python-collectief, maar ook eigentijdse componisten als John White en Gerald Barry.
Ayres’ ‘Compositie 50: The Garden’ is een bijna één uur durende operatesk pandemonium voor basbariton, ensemble en verbluffende visuals van Martha Colburn. Een Amerikaanse/Nederlandse kunstenares en filmer die zich helemaal thuis voelt in Ayres’ luchtige fantasiewereld.
Het verhaal is eenvoudig: een man graaft een tunnel in zijn tuin op reis naar het middelpunt van zijn eigen fantasie. Ondertussen stuit hij op allerlei vreemde karakters als een worm, een soldaat en het koppel Paolo en Francesca uit Dante’s fameuze ‘De Goddelijke Komedie’. Want als je diep genoeg graaft kom je vanzelf in de hel of misschien wel de hemel terecht. Ayres’ partituur sleurt de luisteraar naar alle hoeken en gaten van zijn klankuniversum. Soms lijkt het een losgeslagen barokoratorium, andere keren een avant-gardistisch vaudevillespektakel of een duistere psychedelische elektrofilmscore. Bariton Joshua Bloom slaat zich manmoedig door deze afdaling in het ongehoorde. Hilarisch is het moment waarop hij een conversatie heeft met een oeroude bacterie, vaak bromt en kirt hij van pure extase. Als luisteraar moet je je overgeven aan deze ko(s)mische achtbaan, of je wilt of niet. De animaties van Martha Colburn weten precies de juiste toon te treffen. Nergens pretentieus en alles in dienste van de fantasie. Want dat is Ayres’ Garden bovenal: een lustoord om je weer eens ongegeneerd te verliezen in je dromen.

Het subliem spelende Asko Schönberg Ensemble onder leiding van Bas Wiegers mocht na een korte pauze meteen door naar de Hertz kamermuziekzaal. Daar werden de eerste twee werken gespeeld van de zes genomineerde componisten van dit jaar. Van de Canadees William Kuo (1990) klonk het klankenfestijn ‘flieht wie ein Schatten’ (2016). Een toondichter die gefascineerd is door ongewone klankmogelijkheden van gewone instrumenten. Zo was een deel van de snaren van de strijkinstrumenten afgeplakt met tape, waardoor er brommende en trillende klanken aan de strijkers ontlokt werden. Vooral de contrabassist ratelde en kraakte dat het een lieve lust was. Op de beste momenten had Kuo’s muziek de intensiteit en spanning van spectrale muziek (Scelsi, Raduluscu, Dumitrescu), op andere momenten verzandde het klankenspel in geforceerde moeilijkdoenerij. Uitgebalanceerder was het werk van de veelbelovende Amerikaan William Dougherty (1988). In zijn ‘The New Normal’ uit 2016 ontketent hij een kruitvat van zware noisegolven, ontregelende distortion, sereen kabbelende strijkers en ontheemde stemmen (op tape). Dougherty’s muziek leeft van de contrasten maar vormt wonderwel een sterk geheel. Zijn stuk is bovendien een vurig portret van een onthecht Amerika waar –sinds Trump aan de macht is- niets meer als normaal kan worden bestempeld.

De Concertzender heeft veel van de werken van de zes Gaudemus Award 2018 genomineerden opgenomen, en zal deze opnames in de komende maanden uitzenden. Naast Dougherty en Kuo valt er werk te verwachten van de andere genomineerden Matthias Krüger, Raphaël Languillat, Lawrence Dunn en Sebastian Hilli.

Geschreven door programmamaker Mark van de Voort.

Beluister hier werk van Yannis Kyriakides.

Beluister hier werk van Richard Ayres.