Componisten/uitvoerenden: Anoniem | Giovanni Girolamo Kapsberger | Girolamo Frescobaldi | Rudolf Straube | Traditional
Afl. De vrouw, het vrouwelijke, dl. 2.
De vrouw als moeder of zieneres, als Maria of Maria Magdalena, als luitist of harpist… In vele gedaanten komt ze voorbij.
Figlio dormi is een wiegelied. Een vrouw zingt haar kindje toe: ‘Slaap, mijn zoon, slaap’. De tederheid is voelbaar. De luit fluistert, sopraan Johannette Zomer soms ook. Bijna een soort neuriën wat zij doet. De moeder in optima forma.
In Mère de Dieu, een Frans Marialied uit de dertiende eeuw, komt die andere moeder in het licht te staan. Maria [afbeelding], de Moeder van God, zij wordt bezongen en geroemd omwille van al haar deugden. En hoe? Met de grootsheid van ingetogenheid en eenvoud! Eenstemmige muziek, met slechts een gedempte zangstem, een vedel en een luit.
Wat staan bovengenoemde moeders in schril contrast met oorlog en wapens. Toch sprak Saddam Hoessein in 1991 van ‘de Moeder aller veldslagen’, de allesbeslissende oorlog. Twaalf jaar later hadden de Amerikanen het over ‘the Mother of all bombs’ (Moab), daarmee doelend op hun ultieme, supervernietigende bom. Wat brachten die ‘moeders’ voort…? Geluidstechnicus Evert de Cock maakte speciaal voor dit essay de ‘Moeaclu’, de Moeder aller clusters. Een explosieve collage, waarin alle muziek van deze aflevering, inclusief begintune en gong, nogmaals klinkt, zij het tegelijkertijd; toegevoegd is een traditioneel lied uit Noord-Rusland. Wat brengt déze moeder voort?
Dat zijn twee liederen, afkomstig uit de Edda. De Edda is een verzameling Noordse mythen, die in de dertiende eeuw schriftelijk werd vastgelegd. De tekst van beide liederen staat in de Voluspá, een profetisch gedicht. Hierin spreekt een zieneres over het begin en einde van de wereld, en het ontstaan van weer een nieuwe wereld. Muziek werd nooit overgeleverd, maar Ensemble Sequentia maakte met veel verbeeldingskracht een reconstructie. Het resultaat ervan wordt verklankt door Barbara Thornton en Lena Susanne Norin, nagenoeg zonder instrumentale begeleiding.
De siciliano van Straube omvat de vrouw in drie verschijningsvormen. De lieflijke, milde luit. Ireen Thomas, die het instrument bespeelt. En de frasen, vaak eindigend op een accent gevolgd door een bijna toonloos non-accent. Deze figuur zorgt voor een ronde afsluiting en vertoont gelijkenis met het eindrijm dat in de poëzie niet voor niets vrouwelijk wordt genoemd.
De klank van de harp lijkt op die van de luit en heeft dezelfde vrouwelijke kwaliteiten in zich. Het klavecimbel daarentegen klinkt vooral ‘in your face’. Daarom ligt de associatie met de man hier meer voor de hand. Frescobaldi’s toccata en canzon bieden uitstekend vergelijkingsmateriaal. We horen eerst de harp solo, dan tezamen met het klavecimbel. Een zeldzame combinatie, maar ze biedt een uitgelezen kans om de verschillen tussen beide instrumenten goed te kunnen horen.
Ook van Frescobaldi: de korte aria A piè della gran Croce. Aan de voet van het kruis staat Maria Magdalena. Ze klaagt: ‘O mijn liefste, mijn minnaar, heer, hoe kunt gij in het laatste uur zijn zonder mij? Hoe, als gij sterft, zal ik nog leven?’ Haar hartstochtelijkheid en haar verleden bezorgden haar een geur van zondigheid. ‘Zal wel een sloerie geweest zijn.’ ‘Typisch zo’n vrouw naar wie de jongens lonken en fluiten.’ In de Tarantella di Sannicandro (versie van Kapsberger) figureren zulke jongens.
Speellijst:
Giovanni Girolamo Kapsberger – Figlio dormi – Johannette Zomer (sopraan), Pino de Vittorio (tenor) en L’Arpeggiata o.l.v. Christina Pluhar
Rudolf Straube – Sonate voor luit no. 2 in G gr.: II Siciliano – Ireen Thomas (luit)
Girolamo Frescobaldi – Toccata voor harp / Canzon – Concerto Soave: Mara Galassi (harp) en Jean-Marc Aymes (klavecimbel)
Girolamo Frescobaldi – Arie musicali boek 1, no. 6: A piè della gran Croce – Concerto Soave: Maria Cristina Kiehr (sopraan) en Matthias Spaeter (luit)
Traditional / Giovanni Girolamo Kapsberger – Tarantella di Sannicandro – Pino de Vittorio (tenor) en L’Arpeggiata o.l.v. Christina Pluhar
Anoniem – Mère de Dieu – Studio Laren: Marianne Blok (sopraan), Jan Goorissen (vedel) en Piet Brummer (kleine luit)
Evert de Cock (samenstelling) – ‘Moeaclu’ (Moeder aller clusters), muziekcollage
Anoniem – Uit de Edda: Hlióðs bið ek allar (Voluspá I) [reconstructie] – Ensemble Sequentia: Barbara Thornton (sopraan), Lena Susanne Norin (alt) en Elizabeth Gaver (vedel)
Anoniem – Uit de Edda: Þat man hón fólkvíg (Voluspá II) [reconstructie] – Ensemble Sequentia: Barbara Thornton (sopraan) en Lena Susanne Norin (alt)
Dit programma werd eerder uitgezonden op 11 mei 2003.
