Sanssouci
za 6 jun 2026 10:00 uur
Mozart was in Parijs … toen het noodlot toesloeg. We schrijven maart 1778. Mozart en zijn moeder trekken weg uit Mannheim en zetten koers naar Parijs. Zijn verblijf in het centrum van de orkestwereld was artistiek gezien een succes geweest, met veel wisselwerking tussen Mozart en de daar aanwezige componisten en een paar interessante opdrachten. Het gene waar Mozart vooral op hoopte, een vaste aanstelling bij dit grootse orkest, bleek echter te hoog gegrepen. Ook een huwelijk met Aloysia Weber, de zangeres op wie hij zo verliefd was, bleek buiten zijn bereik te liggen. Alle reden dus om het ergens anders te zoeken. Ook in Parijs was er gelegenheid genoeg voor een musicus. In de Franse hoofdstad, waar Mozart als klein kind voor het laatst geweest was, heerste weer een andere muziekcultuur. Mozart moest dus weer andere vaardigheden tentoonspreiden. Wie het in Parijs wilde maken, moest bijvoorbeeld balletmuziek kunnen schrijven. Het cliché klopt: Fransen willen dansen. Geen opera was compleet zonder ballet, en ook los konden ze worden uitgevoerd. Vaak werden losse balletten ook als entr'actes in een opera ingelast. Mozart wilde aanvankelijk een hele Franse opera schrijven. Uiteindelijk bleef het bij een ballet. Les petits riens (KV 199b) werd opgevoerd bij een opera van Piccini. De muziek is voor een groot deel van Mozart; de componist zelf gaf aan dat hij twaalf nummers componeerde. De enig bekende kopie van het werk, die in 1872 opdook, zegt niet welke stukken hij wel en niet schreef, noch wie er dan voor de rest verantwoordelijk is. Dat kan alleen door stijlonderzoek bepaald worden. Mogelijk is François-Joseph Gossec (een van de grootste Parijse componisten van dat moment) erbij betrokken geweest. Mozart schreef in Parijs ook een symfonie. Volgens een brief aan zijn vader waren het er zelfs twee. (Als dat waar is, is er een verloren gegaan; misschien is het ook maar een overdrijving om te laten zien dat hij in Parijs niet zit te potverteren.) In Parijs kon hij, net als in Mannheim, profiteren van een groot en goed getraind orkest, dat bijvoorbeeld klarinetten in de gelederen had. Mozart, steeds meer fan van dit blaasinstrument, maakte er dankbaar gebruik van. Ook bij de symfonie had het Parijse muziek specifieke wensen. Hier was namelijk, een eeuw eerder, het orkest zo'n beetje uitgevonden. Die traditie werd gevoeld: nog altijd moesten symfonieën beginnen met een coup d'archet, een speelwijze die anno 1778 geen praktische functie meer had maar die nooit ontbrak. Mozart vond er het zijne van, maar boog mee. Hij kwam het publiek nog meer tegemoet door het middendeel te vervangen. De directeur van de Concerts spirituels vond het namelijk te lang en te complex. Opnieuw iets waar Mozart het totaal niet mee eens was, maar weer gaf hij toe: hij schreef een nieuw andante, korter en vooral eenvoudiger. Beide versies zijn bewaard gebleven; gewoonlijk (ook hier) horen we het deel in 6/8 maat, dat waarschijnlijk als eerste is geschreven. Mozart zelf zou het niet zoveel uitmaken; hij schreef hierover: "Elk deel is goed in zijn soort." • Tijdens het werk aan de Parijse symfonie was Mozarts moeder ernstig ziek geworden. Hoewel de familie, niet in de laatste plaats Wolfgang zelf, al vele vreselijke ziektes had overleefd, sloeg het noodlot deze keer wel toe: op 3 juli overleed Maria Anna Mozart, 57 jaar oud. Eén compositie uit deze tijd trekt zeer de aandacht: Mozarts Pianosonate in a-klein, KV 310. Het stuk draagt de bijnaam "tragische sonate": niet alleen gebruikt het werk de mineurtoonsoort, de sonate zit ook vol met harde dissonanten en dramatische verschillen in dynamiek. Het ligt voor de hand om deze tragische muziek in verband te brengen met Mozarts eigen verdriet. Maar is dat wel zinvol? Je persoonlijke geestesgesteldheid in je muziek verwerken, dat was in die tijd hoogst ongebruikelijk. Muziek was een vak dat je kon leren, vaak van vader op zoon, en hoewel het (objectief) uitdrukken van emoties daar ook bij hoorde, zouden mensen het toen behoorlijk onprofessioneel hebben gevonden als een componist zijn eigen emoties in de muziek stopte. Pas in de romantiek, in de negentiende eeuw, ging het publiek dit van componisten verwachten. En daarbij: deze tijd, de jaren 1770, was het decennium van de Sturm und Drang. Als reactie op het rococo schreven componisten massaal donkere, onrustige stukken. Die tijdgenoten van Mozart hadden heus niet allemaal op hetzelfde moment een naaste verloren… • Het lijkt dus hedendaagse projectie om in de tragische sonate de weerslag van Mozarts verdriet te zoeken. Maar wat blijft is hoe dan ook een indrukwekkend stuk, dat op elke manier boven zijn zusters uitsteekt. Ruwe dissonanten, die vaak niet goed oplossen, wedijveren met genadeloze reeksen zestiende noten. Alleen in het middendeel komt de sonate zoals altijd tot rust. In deze omgeving heeft dit rustpunt de status van een oase. Zo werd 1778 voor Mozart een jaar van teleurstellingen. Geen positie in Mannheim, weinig werk in Parijs, zijn moeder overleden en afgewezen door zijn geliefde. Maar zijn vader bracht ook goed nieuws. Aartsbisschop Colloredo was van gedachten veranderd: hij wilde Wolfgang weer in dienst nemen, en wel tegen betere voorwaarden! Nu had Mozart alle reden om terug te gaan naar Salzburg. Voorlopig… • Afspeellijst • Alles van Wolfgang Amadeus Mozart (maar zie de tekst voor 1) • 1. Balletmuziek voor Les petits riens, KV 299b • 2. Symfonie nr. 31 in D, KV 297 (Parijse symfonie) • 3. Pianosonate nr. 8 (9), KV 310 (tragische sonate) • Uitvoerenden • Academy of St. Martin-in-the-Fields o.l.v. Neville Marriner (1) • Wiener Philharmoniker o.l.v. James Levine (2) • Maria João Pires, piano (3)