The Jazz Connection
za 30 mei 2026 18:00 uur
In deze aflevering een terugblik op de 17de editie van de Jazz Marathon. Deze vond plaats op vrijdag 6 en zaterdag 7 december 1991. In Cultuurcentrum de Oosterpoort in Groningen stonden zeventien optredens op het programma, door bezettingen die uiteenliepen van eenmansbedrijfjes als Bill Frisell en Shannon Jackson tot de acht- en negenmansformaties van Guus Janssen en Corrie van Binsbergen. Het trio van de drummer Paul Motian, met de tenorsaxofonist Joe Lovano en de gitarist Bill Frisell, maakte de meeste indruk. Hoewel ze elkaar al tien jaar in deze bezetting op de proef stelden, klonken ze in Groningen als een stel jonge honden die voor het eerst met elkaar mochten ravotten. Daarom wordt deze terugblik opgeluisterd met muziek door het Paul Motian Trio. Speellijst • Paul Motian Trio: Joe Lovano (tenorsax) Bill Frisell (gitaar) Paul Motian (drums) Composities: Paul Motian • # 1. It Should've Happened A Long Time Ago (8:43) • # 2. Mumbo Jumbo(10:43)l • # 3. Mode VI (7:29) • # 4. From Time To Time (6:58) • # 5. Shakalaka (6:18) • # 6. Women From Padua (4:53) • # 7. It Is (5:11) • # 8. Blue Midnight (4:09) • Vindplaatsen: # 1 en # 8: Paul Motian Trio: Trioism; opname: RPM Recording Studios, NYC, juni 1953; c.d.: JMT, 1994 • #2—#7: Paul Motian in Tokio; opname: Somido (Ginza Sony Building), Tokyo, 10 en 11 augustus 1991; c.d.: JMT, 2994 • De programmeurs zijn hardleers • De Jazzmarathon heeft altijd lak aan burgerlijke conventies gehad, maar de programmeurs van dit op vernieuwing en revolutie gerichte festival begonnen nu toch wel apert suïcidale neigingen te vertonen. Net als de editie van 1990 was ook de Jazzmarathon van 1991 weer in het Sinterklaas weekend terecht gekomen, en daar had men in 1990 ontnuchterende ervaringen mee opgedaan. Veel recensenten hadden in 1990 al gewaarschuwd voor de concurrentie van Sint-Nicolaas, maar ook de programmeurs van de Marathon van 1991 keken met dedain naar iedereen die pleitte voor een comfortabeler tijdstip in de agenda van de jazzliefhebbers dan het weekend van pakjesavond. Maar van die achterblijvende bezoekersaantallen trekken de meeste festivalmuzikanten zich niets aan: tijdens hun intensieve interactie met de collega's vergeten zij meestal de wereld om hen heen, en bovendien correspondeert de hoogte van hun festival-gages niet met de omvang van de "door money". Hoewel je bepaald niet over de hoofden van het festivalpubliek kon lopen en er dus ook geen sprake was van goedmoedig duw- en trekwerk in het gedrang rond de tappunten, in de gangpaden en bij de toiletten deed dat geen afbreuk aan de kwaliteit van het scheppingsproces. Alle critici waren het erover eens dat de musici zich niet lieten beïnvloeden of ontmoedigen door de vele lege stoelen in de kleine zaal of door de nog veel desolatere aanblik van de enorme hoeveelheid lege stoelen in de grote zaal. Galmbak (de grote zaal) zorgt voor ongenietbare kakofonische brij • Ik verbaas me er overigens wel over dat de programmeurs er wederom voor hadden gekozen om de optredens gelijk te verdelen over de kleine en de grote zaal. De kleine zaal, met zijn variabele akoestiek en zijn communicatie bevorderende architectuur, is geknipt voor een festival als de Marathon: onbelemmerde zichtlijnen voor vrijwel alle bezoekers, en als alle banken en stoelen bezet zijn gaan de festivalgangers gewoon op de traptreden zitten en rijen dik op de voorkant en de beide zijkanten van het podium. De afstand tussen de muzikanten en de toehoorders is minimaal en je krijgt er de sfeer van een overvol openluchtfestival mee. De grote zaal daarentegen is voor jazzgroepen een ramp: daar beginnen alle lijnen en accenten aan elkaar vast te klonteren, met als eindresultaat een venijnige, kakofonische pap. In jazz-recensies is dan vaak het commentaar dat de grote zaal van de Doelen, het Concertgebouw of Vredenburg een slechte akoestiek hebben. Maar die conclusie klopt niet: de akoestiek van die (symfonische!) zalen is afgestemd op de wensen en behoeften van het symfonie-orkest, en die sporen totaal niet met de eisen van een jazz- of rockgroep. De ideale nagalmtijd voor een volle —symfonische— zaal ligt rond de 2 seconden, maar de grote zaal in de Oosterpoort zit daar ver boven. Zelfs voor symfonie-orkesten en kamermuziekens-embles is het in de grote zaal van de Oosterpoort behoedzaam opereren geblazen, met die te royaal uitgevallen nagalmtijd. Voor jazz- en popgroepen valt zo'n extra lange nagalmtijd nog eens extra rampzalig uit. Ik snap de behoefte aan een tweede Marathon-podium, maar die had men niet in de grote zaal moeten vinden. De foyer van de grote zaal biedt voldoende ruimte om daar een volwaardig tweede podium te creëren, ondergebracht in een 'indoor' festivaltent. Zeker met de bezoekersaantallen die de Marathon mag verwachten zou dat een ideale oplossing zijn. Liever de kosten van een festivaltent lappen dan tegen beter weten in doorgaan met die gekmakende galmbak. Individueel onderwijs in de nieuwste jazz-stromingen • De criticus van de Leeuwarder Courant, Sikke Doele, tikte de organisatoren van de Jazzmarathon wel heel subtiel op de vingers: "Groningen komt de eer toe het meest compromisloze, maar ook het slechtst bezochte jazzfestival van Nederland binnen zijn stadsgrenzen te hebben: de Jazzmarathon. Vrijdagavond (6 december 1991) waren er op zijn hoogst geschat 350 belangstellenden en zaterdagavond (7 december) was het niet veel drukker. Als je dat afzet tegen ruim 70 optredende musici, dan is er in "de Metropool van het Noorden" sprake van wel zeer individueel onderwijs in avant-gardistische jazzstromingen." • Hoewel het voor Friezen en Groningers niet meevalt om positief over elkaars prestaties te oordelen is Sikke Doele oprecht bezorgd over de toekomst van dit nogal grillige festival: "Nu is jazz nooit muziek geweest voor het grote publiek en de avant-garde heeft het altijd met piepkleine groepen geïnteresseerden moeten doen. Je moet er namelijk je hoofd nogal eens bij gebruiken. De meeste mensen hebben er geen behoefte aan na een week inspannend quizzen en babbelshows bekijken ook nog eens op hun uitgaansavonden moeilijke kost te verorberen. Gelijk hebben ze. Van hen moet de jazz het niet hebben. Maar dat zelfs de Groninger Conservatoriumstudenten en masse wegbleven van de Jazzmarathon, zoals gitaardocent Jan Kuiper constateerde, stemt toch wel tot enige droefenis." • Nieuwsblad van het Noorden op zoek naar cafésnorren en bolhoeden • Ook het Nieuwsblad van het Noorden, dat via scribent Eddy Determeyer de problemen rond de Jazz Marathon altijd nogal van een (k)luchtige kant placht te bekijken, begon nu uit een vaatje vitriool te tappen. Dat had vooral met een wisseling van de wacht bij de kunstredactie te maken: de hilaricus Eddy D. (nog steeds actief bij de Concertzender) was vervangen door Paul Herruer en een zekere Wierd Duk. Dit duo sloeg in de recensie van maandag 9 december 1991 een destructieve weg-met-ons-toon aan: "Door lege foyers dwalen op weg van de ene naar de andere zaal, dat was het overheersende beeld van de Groninger JazzMarathon. Deze (…) marathon trok minder publiek (in totaal zo'n 700 mensen) dan die van vorig jaar; naar alle waarschijnlijkheid lag dit minder aan Sinterklaas dan aan de programmering. De term "JazzMarathon" dekte de lading niet echt: er was nogal wat intellectualistische muziek te horen en de momenten met emotie of "soul" waren in de minderheid." • Aan het slot van hun artikel geven zij andermaal blijk van een schokkende mate van onbegrip voor een op vernieuwing en avant-garde gericht festival waartoe de JazzMarathon na een paar experimenterende edities tussen 1974 en 1977 uiteindelijk is uitgegroeid: "Voor de jazzfans op zoek naar een ouderwetse "kick" was dit festival teleurstellend: zij moesten hun toevlucht zoeken in het Oosterpoort-café of wachten totdat de Britse deejay Graham B op bijzonder smaakvolle wijze obscure "grooves"van weleer aan elkaar laste. Binnen de kortste keren danste de Binnenzaal. Tot diep in de nacht, zoals het hoort, als ergens de aankondiging "jazz" op de deur is aangebracht." • Ook in een oppervlakkige terugblik op de eerste dag van de JazzMarathon van 1991, die op zaterdag 7 december al in het Nieuwsblad verscheen, sloeg Wierd Duk een weg-met-ons-toon aan: • "Met driehonderd bezoekers is De Oosterpoort in Groningen niet echt gevuld. Erg sfeervol was de eerste avond van de JazzMarathon dan ook niet." De vetgedrukte kop boven dit stukje luidde: "Moeizaam begin van de JazzMarathon". Je kreeg sterk de indruk dat de muziekredactie van het NvhN nog nooit iets anders had bezocht dan het jaarlijkse Dixieland-feest in Ouddorpstermond (een slaperig garnizoensstadje in Oost-Groningen), georganiseerd door de plaatselijke Rotary. Of zou dat rancuneuze toontje in het NvhN te maken hebben met het feit dat de Jazzmarathon voor de tweede keer op rij krachtig gesteund werd met een voordeelbonnen-campagne in de randstedelijke Volkskrant? Verbale acrobatiek bij het presenteren van de nieuwe Marathon • In de aanloop naar de JazzMarathon van 1991 publiceerde de Volkskrant een interview met een van de programmeurs, Kees van Boven: "Wij zijn niet alleen het oudste jazzfestival van Nederland, maar ook het enige dat heel duidelijk iets wil toevoegen aan wat elders al gebeurt. Dat is ons enige recept voor overleving. De Marathon beoogt een momentopname te geven van de jongste stand van zaken in de geïmproviseerde muziek. Een gevaarlijke ambitie, het maakt de Marathon vanouds of te gek of helemaal niks, maar dat is precies de spanning die een goed festival moet hebben." • Nog een paar citaten uit het artikel in de Volkskrant, van de hand van Erik van den Berg: "Het voortbestaan van de Marathon lijkt voorlopig zeker, dankzij de samenwerking met NOS-radio. Vorig jaar verzorgde de NOS (rechtstreekse) radio-uitzendingen, dit jaar treedt de omroep op als co-producent. Met die financiële en facilitaire bijdrage compenseert de radio-omroep het schrappen van het eigen NOS Jazzfestival, dat deze zomer voor de twintigste maal had moeten plaats vinden. De compositie-opdrachten die het NOS Jazzfestival jaarlijks toekende zijn overgeheveld naar Groningen. De opdrachten zijn dit jaar toegekend aan de pianisten Guus Janssen en Michiel Scheen, de saxofonist Michael Moore en de gitariste Corrie van Binsbergen. De opdrachten worden verstrekt door het Fonds voor de Scheppende Toonkunst, de NOS betaalt de uitvoeringen." • De programmeurs van de Marathon attendeerden de critici en de bezoekers er op dat zij bij de samenstelling van het programma waren uitgegaan van vier basis-thema's: 1/ de compositie-opdrachten aan vier Nederlandse musici, 2/ drummers als bandleiders (Joey Baron, Tani Tabbal, Paul Motian, Sunny Murray, Gerry Hemingway en Shannon Jackson), 3/ spotlight op Bill Frisell (Frisell solo, Frisell als sideman in het Paul Motian Trio en Frisel als bandleider) en 4/ een Snuifpodium voor jong en aanstormend talent, met een lichte voorkeur voor jongeren uit Stad & Ommelanden. Onvermoeibare avant-garde propagandist laat de schouders hangen • De recensie van Rinus van der Heijden (Brabants Dagblad), een propagandist van de nieuwste jazz, die niet gauw de moed laat zakken, had als kop "Jazzmarathon krijgt te weinig bezoekers". Nadat hij eerst zijn beklag heeft gedaan over het geringe bezoekersaantal, toont Van der Heijden zich niet erg ingenomen met de dominante rol van de compositie-opdrachten: "De compositie-opdrachten van de NOS vormden dit jaar de kurk waar het festival op dreef. Maar tegelijk bepaalden zij de doffe glans van de Jazzmarathon 1991. Guus Janssen verzoop in zijn veel te ingenieuze stukken, Corrie van Binsbergen in het kopiëren van wat ooit eens was en Michiel Scheen ging ten onder aan de mening dat in de geïmproviseerde muziek alles kan. Slechts Michael Moore reikte af en toe naar een aanvaardbaar niveau." • Ook Sikke Doele (Leeuwarder Courant) was niet erg opgewonden geraakt door de compositie-opdrachten: "Vier groepen uit de Amsterdamse improvisatiescene hadden een compositie-opdracht van de NOS gekregen. Corrie van Binsbergen had er een nogal onoverzichtelijk, aan elkaar gebreid geheel van gemaakt. Het geconcentreerde optreden van Michael Moore werd ontsierd door de ongecoördineerde strapatsen van een danseres die ook nog sinaasappels over de vloer ging rollen en heel pretentieus een handvol papiersnippers van de balustrade liet neerdwarrelen. Michiel Scheen had het, getuige de vocale bijdrage van Jaap Blonk, gezocht in neo-dadaïstisch geplinkplonk. Nee, dan kwam het Guus Janssen Orchestra, dat de Jazzmarathon opende, toch wel het boeiendst uit de bus. In de muziek zaten kleine, soms veelvuldig herhaalde, fragmenten uit nummers van de legendarische soulzanger Otis Redding. Een pracht van een hommage." • Michael Moore is een begenadigd improvisator maar geen groot componist • Ook Kees Polling (Trouw) was niet erg gecharmeerd van de met veel bombarie omgeven compositie-opdrachten; hij vond het werkstuk van Michael Moore weinigzeggend en overbodig: "Moore bevestigde de eerder in deze krant uitgesproken mening dat de van oorsprong Amerikaan een gigant is op diverse rietinstrumenten en een evenzeer begenadigd improvisator, maar zeker geen groot bandleider en jazzcomponist. Zo bijzonder als Moore's duo's met tenorist Tobias Delius waren, zo krakkemikkig klonk het geheel. De taak van slagwerker Gerry Hemingway was onduidelijk en de broodmagere Katie Duck maakte nietszeggende danspasjes." • In de recensie van Kees Polling worden ook de drie andere surprises die het Fonds voor de Scheppende Toonkunst voor de bezoekers van de Jazzmarathon in petto had aan een kritische beschouwing onderworpen: "Beter geslaagd was 'Rijs', een verzameling geconcentreerde en spaarzaam georkestreerde composities van Michiel Scheen voor een octet met de gedurfde bezetting van piano, viool, cello, klarinet, basklarinet, blokfluiten, slagwerk en stem. Helaas was de muziek vaak gekunsteld. Fraai waren Paul Koeks gortdroge slagwerk en de inbreng van stemkunstenaar Jaap Bloonk. Deze laatste klonk af en toe als een gehoorgestoorde die in wanhoop alle knoppen van een radio probeert om toch iets van geluid op te vangen. 'Love Songs' noemde Guus Janssen zijn nieuwe programma, waarbij gezegd moet worden dat hij onder 'Love Songs' heel wat anders verstaat dan de gemiddelde luisteraar zal doen. De door de Amerikaanse bariton Bernard Mixon gezongen teksten waren ontleend aan muziek van soulsterren als Otis Redding en Barry White, maar behandelden niet expliciet de liefde. Toch was 'Love Songs' geen verkeerde benaming. De inzet van de musici was imers 'liefdevol' en oprecht. Guus Janssens vroegere ironie en heerlijke tegendraadsheid blijkt te zijn verruild voor een afstandelijker benadering. Met name de voormalige vervreemdende welluidendheid was veranderd in een tamelijk gefragmenteerde aanpak. De acht musici waren zelden tegelijk te horen, vaker werden de partijen over het orkest verdeeld. Merkwaardig genoeg had die werkwijze veel weg van die van Jacques Palinckx, de geniale, kosmopolitische gitarist uit Tilburg, die ook bij Janssen speelde en zelfs een compositie leverde. Presenteerden Moore, Scheen en Janssen hun compositieopdrachten in de perfect klinkende kleine zaal van de Oosterpoort, Corrie van Binsbergens 'Bits & Pieces' had daarentegen te lijden onder de moeizame akoestiek van de grote zaal. Evenals op het vorige week in deze krant besproken concert van 'Bits & Pieces' ontbrak in Groningen de broodnodige angel." • A.D. heeft alleen maar oor voor de gitarist van het jaar 2000 • De recensie van Ruud Meijer in het Algemeen Dagblad maakt weinig woorden vuil aan de compositie-opdrachten: "De compositie-opdrachten (…) leverden topzware kunstmuziek op die we maar weer snel moeten vergeten." De rest van zijn verslag is exclusief gewijd aan de drie optredens van Bill Frisell. De kop boven dit artikel: "Gitarist van het jaar 2000" • Peter de Vos, schrijvend in opdracht van de Drents/Groningse Pers, had veel aardigheid in de schrijfsels van Corrie van Binsbergen: "Die spanning (die bij Michael Moore had ontbroken) was wèl volop aanwezig bij Corrie van Binsbergen. In een van de eerste tot de laatste minuut boeiend concert presenteerde zij het resultaat van de aan haar verstrekte compositie-opdracht. Muziek, wars van modegrillen en goedkoop effectbejag, uitgevoerd door een zorgvuldig geselecteerde groep uitstekende muzikanten. Binnen deze groep de regelrechte ontdekking Felicity Provan, een uit Australië afkomstig meisje dat niet alleen prima trompet speelt, maar ook nog eens schitterend zingt. Hopelijk blijft ze voorgoed in Nederland." De drie andere componisten —Guus Janssen, Michael Moore en Michiel Scheen— konden hem echter niet bekoren. "In de gaten houden, deze jongen" • Terwijl er in de meeste recensies geklaagd werd over het gebrek aan een avontuurlijke mentaliteit bij de programmeurs, die op deze Marathon kwamen aanzetten met groepen die zich al (te) vaak in Nederland hadden vertoond, kwam nieuwkomer Tani Tabbal's Griot Galaxy er nogal bekaaid vanaf. Sikke Doele: "het opwindendste was eigenlijk Tani Tabbal's Griot Galaxy met beschilderde gezichten, vooral door het knappe spel van de drie saxofonisten." • Trouw: "Tabbal presenteerde zijn vervaarlijk bruisende, op het Art Ensemble of Chicago geënte Griot Galaxy." • Eigenlijk heeft alleen Herman te Loo (Jazz Nu januari 1992) doorgehad dat er op deze JazzMarathon een wel hele bijzondere jongeman zich voor het eerst in Nederland vertoonde: "Ook Griot Galaxy van slagwerker Tani Tabbal ging uit van muziek van enige tijd geleden, ditmaal die van het Chicago van de jaren '60. Tezamen met bassist Jaribu Shahid legde Tabbal een mooie basis voor de woeste solistische uitstapjes van de drie saxofonisten. De opvallendste daarvan was James Carter (alt en tenor). Op tenor haalde hij zelfs wat rhythm & blues staaltjes van stal en op alt leverde hij de opwindendste saxofoonsolo's van het festival. In de gaten houden, deze jongen." • Bijna op de kop af vijfendertig jaar later —op 30 november 2026— is James Carter weer in de Oosterpoort te horen, in een John Coltrane project met de Paradox Big Band! Melancholisch festival in herfsttinten • We sluiten af met wat wijze woorden van Erik van den Berg: "Het was een festival in herfsttinten, eerder neigend naar melancholie, dan uitbundig of overdadig. Als toegift speelde Bill Frisell zaterdagnacht het slepende The Way Home: met zijn spookachtige stapvoet-ritme en vreemd vervormde klankkleur een passende afsluiting van deze Marathon, die verstoken bleef van vaart en opwinding, maar toch veel moois te bieden had." • DE AFFICHE • Drummers/Bandleiders • *JOEY BARON'S BARONDOWN • Steve Swell (trombone) Ellery Eskelin (tenorsax) Joey Baron (drums) • *TANI TABBAL'S GRIOT GALAXY, featuring PONDA O'BRIAN • James Carter, Anthony Holland, Vincent York (saxofoons) Jaribu Shahid (bas) Tani Tabbal (drums) Ponda O'Brian (percussie) • *PAUL MOTIAN TRIO • Joe Lovano (tenorsax), Bill Frisell (gitaar), Paul Motian (drums) • *SUNNY MURRAY'S UNTOUCHABLE FACTORS • Michel Godard (tuba) Misha Mengelberg (piano) Tony Overwater (bas) Sunny Murray (drums) • *GERRY HEMINGWAY QUARTET • Wolter Wierbos (trombone) Michael Moore (altsax) Mark Dresser (bas) Gerry Hemingway (drums) • *SHANNON JACKSON SOLO/DUO • Shannon Jackson (drums) Paul Bento (gitaar/sitar) • *BILL FRISELL SOLO • *PAUL MOTIAN'S ELECTRIC BEBOP BAND • Kurt Rosenwinkel, Brad Schoeppach (gitaar) Stomu Takeshi (basgitaar) Paul Motian (drums) • *BILL FRISELL BAND, featuring GUY KLUCEVSEK • Guy Klucevsek (accordion) Bill Frisell (gitaar) Kermit Driscoll (bas) Joey Baron (drums) • Compositie-opdrachten • *CORRIE VAN BINSBERGEN: Bits & Pieces • Felicity Provan (trompet/zang) Chris Abelen, Joost Buis (trombone) Henk Koekkoek (tuba) Paul Stouthamer (cello) Albert Veenendaal (piano/akkordion) Corrie van Binsbergen (gitaar) Hein Offermans (bas) Michael Vatcher (drums) • *GUUS JANSSEN: Love Songs • Bernard Mixon (zang) Herb Robertson (trompet) Joost Buis (trombone) Peter van Bergen (saxofoons/contrabasklarinet) Guus Janssen (piano) Jacques Palinckx (gitaar) Ernst Glerum (bas) Wim Janssen (drums) Friso Haverkamp (libretto) • *MICHAEL MOORE • Jantien de Boer, Jodi Gilbert (zang) Michael Moore (altsax, klarinet) Tobias Delius (tenorsax) Gerry Hemingway (drums) Katie Duck (dans) • *MICHIEL SCHEEN: Rijs • Jaap Blonk (stem) Ab Baars (klarinet, baritonsax) Michael Barker (blokfluiten) Peter van Bergen (saxofons/basklarinet) Christel Postma (viool) Tristan Honsinger (cello) Michiel Scheen (piano) Paul Koek (slagwerk) • Snuif Podium • *JORRIT DIJKSTRA TRIO • Jorrit Dijkstra (altsax) Mischa Kool (bas) Michael Vatcher (drums) • *WIEK HIJMANS • Wiek Hijmans (gitaar) • *VICTOR DE BOO'S DISTORZIO • Martien Stienstra (tenorsax) Fons Sluyter (bas) Victor de Boo (drums) • *JOHAN HUIZING'S NONOSEPTET • *Freek Bakker (trompet) Michael Danner (trombone) Vlatko Kucan (sopraansax, tenorsax, basklarinet) Johan Huizing (tenorsax) Piet Hoeksma (gitaar) Fons Sluyter (bas) Bert Kleijn (drums)